De ochtend van ons vertrek was iedereen om zes uur présent om te vertrekken richting ‘de Vogezen’. Na de verdeling van de bagage en ‘de machtige gasten’ in de wagens zette de caravaan zich op gang. Onze GPS gaf aan dat we zo’n 558km voor de boeg hadden wat ongeveer overeenkwam met een reisduur van een kleine zes uur.
Zelf had ik postgevat in de bestelwagen, type Renault Traffic, die ‘Brechten’ via zijn werk, een grafisch bedrijf te Gistel, kon bemachtigen. Tot onze grote verbazing zat er onder de kap een pittige motor waardoor we het tempo van de andere wagens redelijk vlot konden bijhouden. We besloten om via Kortrijk – Doornik – Charleroi te rijden richting Luxemburg om de files rond Brussel te vermijden. een goed plan zo bleek, we ondervonden geen enkele hinder.
Na een geanimeerde doorreis (nu weet ik vanwaar Brechten de bijnaam ‘Babbelaore’ meekreeg) en 2 stops bereikten we rond 13h30 als laatste van de drie wagens de sportherberg ‘Le Gros Chene’. Het weer was er prachtig en we werden meteen begroet en opgevangen door de uitbaters Michel en Anita. De afgetrainde nederlander wijsde meteen onze kamers aan wat voor ons het startsein was om alles uit te laden. Ook over de kamerverdeling viel vlug een beslissing waardoor iedereen tegen 14H30 klaar was voor de eerste rit. Door het goede weer verscheen iedereen in korte broek en trui en waren de bidons maximaal gevuld en ‘geprépareerd’.
Op onze vraag kregen we van onze gastheer een beschrijving mee van een 75km lange route die door hem omschreven werd als ‘licht glooiend’, een uitdrukking waarover gediscuscieërd kan worden. Zoals vooraf afgesproken ging iedereen deze rit meepikken en dit aan een gezapig tempo zodat we zoveel als mogelijk in groep konden rijden. Er stond immers voor ’s anderdaags een rit van een ander kaliber op het programma.
Twee uitverkorenen kregen de routeomschrijving mee op een velletje papier, en het was rekenen op hun oriëntatievermogen om deze rit tot een goed einde te brengen. De start verliep alvast vlot en de weergoden waren ons zeer gunstig gezind. De route ging in de richting van Remiremont doorheen een prachtige omgeving met goed berijdbare wegen en weinig verkeer.
Na 16 kilometer bereikten we Le Chateau de Lombard en kregen we de eerste klim van de dag voor de wielen die door onze gastheer gecatalogeerd werd onder ’Vogezisch plat’. Al vlug begon het bij enkelen serieus te kriebelen om eens de gashendel open te draaien. Vooral Duchateaux voelde zich in zijn nopjes en het duurde dan ook niet lang of hij testte eens de beentjes. Dimi, Brechten, Bleu en Stieri volgden zijn voorbeeld en al vlug werd er een kloofje geslagen met Franklins, Patje en mezelf. De klim over drie kilometer werd gevolgd door een afdaling tot in Raon aux bois waar de twee groepjes opnieuw verenigd werden.
De route leidde ons verder, in steeds dalende lijn met uizondering van enkel ‘puistjes’, langs La Chapelle Aux bois (48km), Bains les Bains (56km) tot in Les Grand Prés (58km). Iedereen voelde zich nog kiplekker en er werd af en toe nog eens ‘zot’ gedaan, met enkele flitsende démarages, artistieke houdingen op de fiets enz… Er werd eventjes vergeten dat het zwaarste nog moest komen.
Vanuit Les Grand Prés begonnen we aan een 2km lange klim gevolgd door een langere, redelijk steile afdaling. Na deze afdaling , we hadden er dan 67km opzitten, moest er direct opnieuw geklommen worden en er werd besloten om voor de laatste 10km eens voluit te gaan. Dit klonk voor sommigen als muziek in de oren, anderen wensten dat ze al in de sportherberg waren. Weer was het Duchateaux die er flink de pees oplegde met in zijn wiel Dimi,Stieri, Brechten en Bleu. Het overblijvend groepje, Franklins, Patje en mezelf, lieten deze kemphanen rijden om aan hun eigen tempo de klim aan te vatten. Wat iedereen wel niet wist was dat deze laatste klim ongeveer 10km lang was. Door het hoge tempo dat werd opgelegd door Duchateaux moesten Bleu en Stieri afhaken en kwamen ze al vlug in mijn vizier. Franklins en Patje volgden wat verderop.
De route liep door een bos ‘Le bois de la grande mouille’ waarbij we aan onze rechterzijde vergezeld werden van een klein riviertje ‘Le Rivière la Semousse’. Het klaterende water gaf ons een rustgevend gevoel en we hadden visueel niet echt de indruk dat we aan het klimmen waren maar we voelden het wel degelijk ’branden’ in onze kuiten. Bleu en Stieri hadden zich laten uitzakken en met ons drieën legden we samen de laatste kilometers van de klim af, zuchtend, zwetend en kreunend maar het idee dat we er bijna waren gaf ons moed.
In de eerste groep was het echter andere koek en was Duchateaux genadeloos voor zijn twee medevluchters waardoor ook Dimi eventjes de rol moest lossen. Brechten beet zich op karakter vast in het wiel van Duchateaux en kon zo, na toch wel diep gegaan te zijn, de sportherberg bereiken. Niet veel later kwam Dimi aan.
De achtervolgende groep wachtte bij het einde van de klim nog Franklins en Patje op en reden zo naar de sportherberg terug, het venijn zat echter nog in de staart met nog een klimmetje vanaf het funerarium naar de herberg.
Moe en voldaan zat onze eerste rit erop en legden we zo’n 80km af. We plaatsten onze stalen rossen op stal, namen een verkwikkende douche en schoven aan tafel voor een deugddoende maaltijd (1), (2) die bestond uit een voorgerechtje onder vorm van een salade, een spaghetti en als dessert tiramisu.
Na de maaltijd overliepen we samen met de gastheer de rit voor ’s anderendaags, ‘de koninginnerit’ over 121km met de ‘Ballon d’Alsace’ en ‘Grand Ballon’ op het programma. Ik had deze vooraf al een beetje voorbereid en het was de bedoeling dat we gingen starten vanuit La Bresse. Michel raadde ons echter aan om ons traject iets te wijzigen waardoor we er nog een col bijkregen nl.: ‘Col d’Oderen’. We moesten dan wel starten vanuit Le Thillot, wat ook beter uitkwam want dit was dichter en makkelijker met de wagen bereikbaar.
Nadat iedereen op de hoogte was van de routewijziging werden de tafels bij elkaar geschoven om van start te gaan met onze eerste pokeravond (3), (4) in de Vogezen tot grote verbijstering van de andere gasten. Iedereen was voorzien van een Coca-Cola T-shirt met naam op de rug, een creatie en idee van Brechten, en een schuimende Leffe. Het pokeren ging van start en duurde tot middernacht waarna iedereen zijn bed opzocht want de volgende dag beloofde een zware te worden, althans voor sommigen.
Filed under: Vogezen 2008